Mg 4630

Bijstand terugbetalen na overlijden langstlevende ouder

Als een bijstandsuitkering niet zou zijn verleend als de uitkeringsgerechtigde eerder over naderhand beschikbaar gekomen middelen had kunnen beschikken, kan de uitkering worden teruggevorderd. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als na het overlijden van de eerste ouder het vruchtgebruik van diens nalatenschap is gelegateerd aan diens partner. Als die langstlevende partner na verloop van tijd overlijdt en een erfgenaam gedurende (een deel van) die tussenliggende periode een bijstandsuitkering genoot, mag de bijstandsverlenende instantie (een deel van) de genoten uitkering terugvorderen.

Dat klinkt misschien niet logisch, maar dat heeft te maken met het aanvullend karakter van de bijstand. Als namelijk blijkt dat gedurende de uitkeringsperiode wel middelen beschikbaar waren, maar de bijstandsgerechtigde in die periode niet over die middelen kan beschikken, is dat een terugvorderingsgrond in de wet. Als de ouders een langstlevende testament hadden laten opstellen, ontstaat de aanspraak voor de uitkerende instantie op een erfdeel op het moment dat één van de ouders overlijdt. Echter, die aanspraak kan pas te gelde worden gemaakt vanaf het moment dat de andere ouder overlijdt en de betreffende erfgenaam over de nalatenschap kan beschikken.

Wilt u meer weten over de gevolgen voor bijstand als u erfgenaam bent? Bel ons voor het maken van een afspraak.

Deel dit bericht